Eind mei

By 29 May 2011a.p.

“Het is pas eind mei”, dat was zo ongeveer de meest gehoorde zin afgelopen zaterdag tijdens het eerste contest van het seizoen. Want mensen, het seizoen is weer losgebarsten. Nou ja, gebarsten, hele voorzichtige scheurtjes dan, laten we het daar voorlopig maar op houden. M’n clubbie is behoorlijk sterk van start gegaan en wist in Arnemuiden -the city that always sleeps- de hele pot te pakken. Twee volle punten meer dan bij de seizoensopening vorig jaar, dus dat belooft wat! Toch was ik nog niet echt tevreden, maar daarover straks meer. Ook Beatrix toont eindelijk weer vitaliteit met een aansprekende show. De Nederlands kampioen Juliana kwam iets voorzichtiger uit de startblokken met een behoorlijk zwaar en bloedserieus programma.

De heren van DCN hadden wederom kosten noch moeite gespaard om een fenomenale locatie te vinden. Nou, dat is gelukt! NOT! Ik zou bijna zeggen, organiseer dan niets. Wat een dramatisch slechte plek om het seizoen af te trappen. (Gelukkig ligt Arnemuiden wél lekker centraal, dat scheelt dan weer.) Ik geloof dat ik afgelopen zaterdag op de meest ongezellige plek op aarde was. Ik vind het gewoon knap om zo’n treurige locatie te vinden. Hoe gaat zoiets als je met een groepje zo’n locatie gaat uitzoeken. “Nou jongens, prachtig, hier gaan we eens een lekker drumcorpsfeestje bouwen?”

De tribune was natuurlijk drie keer niets. Hij was wel zo vol, ik begreep dat ze dat nog nooit hadden meegemaakt in ‘Erremu’, maar dat is met drie rijen ook niet zo moeilijk. De ijskoude zeewind ging door merg en been, gelukkig kon ik me nog een beetje opwarmen aan de twee luid loeiende aggregaten die nodig waren om de stadionlampen aan te krijgen. In de kantine zat iedereen stoïcijns naar een onbeduidend potje voetbal te kijken en bij de tochtige ingang stonden maarliefst twee standjes van corpsen met blauwbekkend personeel. Natuurlijk, het weer werkte niet echt mee, maar jongens kom op. We kunnen toch wel wat beters vinden voor onze groeiende en bloeiende hobby? Alleen al het feit dat de tribune snel vol zat, geeft aan dat we echt naar grotere ‘venues’ moeten en dit soort boerenlandveldjes ver achter ons moeten laten. Mensen die de reis naar Zeeland maken en vervolgens achter een lintje worden gezet, achter een aggregaat van twee meter hoog, dat kan je niet echt maken. Komt er eindelijk publiek, kan je het niet fatsoenlijk kwijt.

Ik heb helaas niet alle corpsen gezien, ik geef het maar gelijk toe. Voor de pauze zat ik nog op de Zeelandbrug, tijdens de pauze kwamen we aan. (Even overwogen om direct weer om te keren, maar toch uitgestapt.) Vanaf Marum ben ik het gaan volgen, vanaf een abominabele slechte staanplaats, bijna op de akker van de aangrenzende uienboer. Daardoor kan mijn beeld enigszins vertekend zijn, maar ik doe toch een poging , met de gedachte dat het na zaterdag alleen maar beter kan worden.

Ik vond het niveau over het algemeen redelijk bedroevend, maar ik ben niet anders gewend in mei. “Het is ook pas eind mei he`!” Ik zie wél dat het bij veel shows gaat goed komen, ik zie ook dat het bij een aantal shows nooit meer gaat goed komen. Als je als corps slechts 35 punten weet te halen, moet je je echt afvragen waar je mee bezig bent. Ik schrok van showband Marum, het korps is volgens mij behoorlijk uitgedund en is kwalitatief minder dan voorgaande jaren. Ook hier waarschijnlijk het excuus dat de show nog kakelvers is, maar toch! De Groningers zijn goed in het schrijven van flitsende persberichten over wereldtournees en grote ledenwerfcampagnes, maar dat flitsende zie ik nog niet terug op het veld. Wel een gedurfd, klassiek, programma met herkenbare stukken van Mozart, soms iets te hoog gegrepen, soms helemaal goed. Zoals de mooie ballad, de leuke saxofoonsolo en de opvallend grote guard. Het blijft een club met veel potentie, want met de muzikaliteit zit het wel snor. En een leuke club met veel leuke mensen, maar niet te veel gefeest en gelal. Aan de bak nu!

De overgang van Marum naar Beatrix is behoorlijk groot. Beatrix is in tegenstelling tot de Groningers al wel lekker op dreef, het corps toont fris en gedreven en ziet er prachtig uit in hun mooie uniform, ook de dames en dames van de guard hebben mooie, paarse pakken aan. Het doet mij een genoegen om te horen dat ook Trix de elektronische trucendoos heeft geopend. Weliswaar nog heel bescheiden, maar de eerste samples klinken veelbelovend. City of Angels gaat over het gangsterleven in de jaren 30 en dat komt al aardig uit de verf. De effecten zijn een tikkeltje voor de hand liggend, er wordt geschoten en je hoort sirenes, hoe kom je er op! Hoe dan ook, Beatrix heeft misschien wel de meest toegankelijke show van allemaal en dan heb je bij mij al snel een streepje voor. De arrangementen zijn fijn, alhoewel ik nog een klein beetje de bekende ‘Beatrix-sound” mis, misschien komt dat ook door de behoorlijk uitgedunde brass. Trix hoort niet met minder dan 30 toeters op het veld te lopen, hopelijk is het maar eenmalig. Ik zie een tafel op het veld waar leuke dingen op worden opgedaan, het kan haast geen toeval zijn dat ook Jubal dit jaar een tafel heeft waar leuke dingen op worden gedaan. De guard is na het succesvolle winterseizoen nog duidelijk bezig met een inhaalslag, dit was nog niet wat we van ze gewend zijn. Hoeft ook niet, het is immers pas eind mei.

Jubal betreedt het veld, het duurt wat lang om alle draadjes en snoertjes aan te sluiten voor de pitversterking, maar dan kan het feest beginnen. Helaas is de start wat twijfelachtig en onzeker, je ziet de zenuwen van het veld afkomen. Nergens voor nodig, want Jubal is vanavond verreweg de beste op het veld, dat ziet zelfs een blind paard. Het begin is lekker old school, “Over the rainbow”, met de vlaggen van vroegâh, daarna begint de tijdsreis. Sleutelfiguur is een prachtige dame uit de guard met een onwijs strak en daarmee geil en opwindend (ik schrijf maar zoals het is) pak aan. Vol overtuiging is ze aan het feestvieren, aan het rennen, aan het boos worden en noem maar op. Vol overgave, dat wel, leuk ook om te zien, maar waarom? Die snap ik nog niet helemaal, maar ja, het is pas eind mei hè! Het verhaal komt dus nog niet helemaal uit de verf. Persoonlijk vind ik dat Jubal iets te veel bodymovements heeft, je kan het ook overdrijven, we zijn Juliana niet! Eyecatcher is absoluut de zevenkoppige (!) cymbal-line, een feest om naar te kijken. Over feestjes gesproken, briljant gevonden om Happy Birthday te spelen met toetertjes, slingers en ballonnen. Erg grappig! De drumline is een regelrechte machine die zaterdagavond op ongekende hoogte stond. Ook de guard was zaterdagavond op dreef. De pit pakt uit met een complete computer/synthesizer-stand. Vaak een mooie toevoeging, maar soms een beetje vals, je moet immers wel de goede toetsen raken. De ballad is prachtig, dat gezang zal wel weer massaal worden afgekeurd, ik vond het mooi in harmonie met de pit en de brass op het veld. Maar toch was dit het nog lang niet. Ik zie nog te veel individuele fouten. Sommige toeteraars spelen naar de grassprietjes, dat kan echt niet meer in 2011, ook niet in mei 2011. Dat dansje tijdens de vijfde symphonie van Beethoven is behoorlijk truttig, dat zal wel de bedoeling zijn, maar mag het alsjeblieft een beetje in de maat? Hoe dan ook, Jubal is een lust voor oog en oor met wederom een zeer originele show, maar we zijn er nog llllang niet.

Juliana speelde een thuiswedstrijd, het corps werd ook hier weer luid aangemoedigd door diverse DCN medewerkers, wat altijd een erg sympathiek gebaar is naar de overige deelnemers. De Zeeuwen hebben de reïncarnatie van Michael Jackson op het podium gezet. Breed zwaaiend lijkt het net of Billie Jean een DCI corps van 150 man in het gareel moet houden, helaas is het ‘maar’ Juliana. Af en toe zwaait Michael zo hard dat hij bijna opstijgt. Gelukkig kan deze vogel niet vliegen, want hij heeft al zijn energie nodig om Juliana in toom te houden. Dat lukt aardig, maar nog niet overtuigend. Het programma NOX is behoorlijk aan de zware kant, op een enkel vrolijke klank na. Zo is dat slaapliedje aan het begin verre van slaapwekkend en Mack the Knife is ook een lekkere. Maar daarna wordt het zwaarder en zwaarder. Een arm meisje raakt letterlijk verstrikt in een vlag en krijgt bijna geen lucht meer, de wind maakt het ook Juliana vanavond niet makkelijk. Het programma is vanaf mijn fraaie positie moeilijk te volgen, af en toe is het zo zacht dat ik helemaal niets hoor. Juliana blinkt wel uit in strakke body movements. Ook de pit is nu al veel sterker dan vorig jaar. Absoluut beste moment van de show is de inzet van ‘O Fortuna’, volgens mij heet dat nummer zo. (Dat klassieke stuk waar jaren geleden een foute house-versie van is gemaakt.) Tja, het is echt een programma wat ik nog een paar keer moet horen, misschien met de drumcorpsstudie-boeken erbij. NOX is niet nix, maar misschien iets te hoog gegrepen voor mij. Drumcorps 2.0, ik geloof dat je dit maar als een compliment moet opvatten. En trouwens, het is pas eind mei!

Had ik het al over de presentator van de avond gehad? Nee? Zal ik het doen? Jazeker! En dit keer geen sneer of nare opmerking over het uiterlijk. Nee, ome Ronald krijgt een compliment. Ja ja, echt waar. Ik kon mij namelijk niet aan de indruk onttrekken dat de DCN speaker de afgelopen maanden een paar logopedie-lesjes heeft gevolgd. Ik hoorde zowaar nette klanken en woorden die worden afgemaakt. Hij deed echt z’n best. Ik was aangenaam verrast. Of ben ik de enige? Het kan ook zijn dat het constante bromgeluid van mijn buurman, het aggregaat, er voor zorgde dat zijn uitspraak zo werd vervormd dat het eindelijk eens lekker klonk. Misschien zit ik er naast, maar hier is geoefend met A’s en O’s en dat kon echt geen kwaad! Hulde!

De Olympic Retreat slaan we over, het is wel weer mooi geweest. Met gierende banden naar huis. De kop is eraf, maar daar is ook gelijk alles mee gezegd.

a.p.