Jammer

By 29 January 2007a.p.

Ik heb er nog eens over nagedacht, maar het blijft uiterst jammer dat de Cavaliers niet meer naar Europa komen. Vorige week bij een vriend nog eens die fabuleuze show van 2006 gezien, met dat robot-thema…. geweldig. Het was mooi geweest als we een corps met zulke kwaliteiten hier in Europa hadden gehad. Maar ja, jullie weten allemaal hoe het is afgelopen. Die onbetrouwbare Amerikaanse honden hebben de boel op het allerlaatste moment gecanceld, en waarom? Om geld, wat een slap excuus. We likken de wonden, DCEE heeft de website alweer uit de lucht gehaald en valt in een winterslaap voor de komende tien jaar. Dat vind ik niet zo erg, maar het afzeggen van de Amerikanen blijft jammer.

Nog zo’n teleurstelling: in deze periode zit ik altijd de agenda’s van muziekverenigingen door te spitten, want waar zijn ze aankomend jaar te vinden? Bij menig vereniging word je er niet echt vrolijk van, die komen (nog) niet verder dan een muzikale rondgang op koninginnedag. Opvallend en direct jammer is het deelnemersveld op taptoe Goes op zaterdag 8 september aanstaande. Leuk stadje hoor Goes, ken het best goed. Onze vrienden uit Hilversum hebben daar een schnabbel en dat is hun goed recht. Maar wat schetst mijn verbazing? Diezelfde avond vindt 100 kilomer verderop een heel ander evenement plaats, waar (maar dat vind ik) ze eigenlijk écht moeten staan: de DCN finals.

Ik werd afgelopen weekend al spontaan gefeliciteerd met het Nederlands kampioenschap. Een tikkeltje voorbarig, maar het geeft wel aan dat door de afwezigheid van Trix het wederom veel minder spannend zal zijn. En dat vind ik…. jammer. Begrijpen doe ik het ook wel weer. Goedbetaalde taptoes moet je altijd (als het veld het toelaat) aannemen. Het is goed voor de clubkas en het verruimt de blik van leden die toch vaak met drumcorps-oogkleppen door het leven gaan. Daarnaast laat je het onbekende publiek kennis maken met drumcorps, zo’n taptoe dient dus meerdere doelen. Taptoes worden echter steeds schaarser, dus pakken wat je pakken kan. En zoals m’n moeder voreger altijd zei: “Je kan niet op twee plaatsen tegelijk zijn.” (Wat een wijsheid hè!) Maar ja, jammer blijft het. Persoonlijk zou ik als drumcorps altijd drumcorps-evenementen voor laten gaan, maar het scheelt vaak duizenden euro’s en dan is het ook niet moeilijk om zo’n regel even te vergeten.

Maar al dit voorgaande valt in het niet bij de problemen rond onze stadsgenoot DIO. Dat vind ik pas écht jammer. Toen ik ooit in 1986 het drumcorps-wereldje in stapte was het eerste corps dat indruk op mij maakte DIO. Alleen maar vrouwen, wauw!!!! En die liepen met die strenge laarzen te stampen, keken boos, ze waren met veel en voerden nog een leuk showtje op ook. Wat een droom! Maar in de jaren negentig kwam de klad erin, zoals overigens met veel corpsen gebeurde (Blue Wave, Avant Courir, etc.). Er mochten jongetjes lid worden, eeuwig zonde want dát maakte DIO uniek (ook pr-technisch zeer interessant). En het ledenaantal liep fors terug. Je zou zeggen: als er jongens lid mogen worden, kan je dat aantal op zeer natuurlijke wijze weer omhoog schroeven. Maar kennelijk was die liefde niet groot genoeg.

De afgelopen jaren zat DIO al in de gevaren-zone. Ze wilden heel graag, maar konden vaak simpelweg niet. Dan dacht je weer dat ze het op de rails hadden staan, kwamen ze weer niet, door interne problemen en ledentekort. Klein, dapper, maar het schijnt dat de strijd nu is verloren. Het wachten is op een officiële ledenvergadering. Ik hoop in ieder geval dat de naam DIO in welke vorm dan ook zal blijven bestaan, al is het als praatclubje of klaverjas-team.

Tot slot de laatste “jammer”, en die gaat over het misgunnen. Kondigt Jubal aan om clinics en demonstraties te gaan geven (een soort verlengstuk van het normale optreden-beleid) is het simpelweg wachten op de eerste zure reacties. “Misschien steekt Jubal er zelf wat van op,“ of, “trap er niet in mensen!” Erg flauw om een goed bedoeld initiatief onderuit te halen zonder één fatsoenlijk argument. Gelukkig troost ik mij met de gedachte dat de eerste corpsen alweer interesse hebben getoond. Deze corpsen hebben wel een open blik. In tegenstelling tot de zuurpruimen die blijven hangen in een versteende, wegkwijnende verenigingscultuur met als motto: “Zoals wij het doen, móet het en al dat andere is maar gek en raar.” En presteren? Ho maar…. Genoeg ge-jammerd.

a.p.